Sunday, July 23, 2017
     

Kerncompetenties Ayurveda Practitioner

Delight Academy | Ayurveda: Kerncompetenties Beroepsopleiding Ayurveda Practitioner/Therapeut/Behandelaar

 

I. Brede professionalisering

De student wordt aantoonbaar toegerust met actuele kennis die aansluit bij zowel klassieke als recente (wetenschappelijke) kennis, inzichten, concepten en onderzoeksresultaten, teneinde zich te kwalificeren voor:

- het zelfstandig kunnen uitvoeren van de taken van een beginnende beroepsbeoefenaar onder de titel ‘Ayurveda Practitioner/Therapeut’;

- de verdere professionalisering van de eigen beroepsuitoefening c.q. het beroep ‘Ayurveda Practitioner/Therapeut’.

 

1. De student is in staat om een helder en doelgericht contact met de cliënt op te bouwen en te onderhouden

1.1. Zorgt dat cliënt zich veilig voelt en creëert voldoende ruimte voor het probleem van de client om duidelijk uiteengezet en gehoord te worden;

1.2. Is zich verdergaand bewust van overdrachtsverschijnselen en is in staat daarop

adequaat te reageren;

1.3. Is in staat om weerstanden van de cliënt om te buigen of te doorbreken, en weet daarvoor de algemene richtlijnen binnen Ayurveda omtrent het meer inbrengen van sattvische elementen goed in de behandelsetting en de behandeling zelf te integreren;

1.4. Is in staat in samenspraak met de cliënt een behandelplan en timeline voorstel te creëren, waar de cliënt zich ook meewerkend in kan vinden, en weet daarin ook goed contact te houden met de cliënt;

1.5. Is in staat helder aan cliënt te communiceren wat de status van de behandeling is en wanneer en waarom een behandeling kan worden afgerond of voortgezet.

 

2. De student is verdergaand therapeutisch communicatief vaardig

2.1. Vraagt de klacht en hulpvraag grondig uit, en weet daarbij de verschillende anamnese modellen van Ayurveda adequaat in te zetten en naar de cliënt toe goed te communiceren;

2.2. Maakt gebruik van verschillende vormen van communicatie;

2.3. Is zich bewust van belangrijke aspecten in communicatie als therapeut en behandelaar;

2.4. Deelt de cliënt bij concrete behandelingen helder mee wat hij of zij gaat doen of doet en checkt of de cliënt zich daar veilig cq. comfortabel (op zijn gemak) bij voelt.

 

3. De student handelt volgens de beroepsethiek van de complementaire behandelaar

3.1. Is zich bewust van en handelt naar de ethische aspecten met betrekking tot de beroepsuitoefening;

3.2. Is zich bewust van en handelt naar de ethische aspecten met betrekking tot de houding tegenover de cliënt;

3.3. Is zich bewust van en handelt naar de ethische aspecten in relatie tot collegae en andere hulpverleners;

3.4. Informeert – indien gewenst – de cliënt helder en duidelijk aangaande deze beroepsethiek.

 

4. De student doorziet persoonlijkheidsstructuren op een dieper en therapeutisch niveau, vanuit recent alsmede vanuit klassiek ayurvedisch perspectief

4.1. Is in staat onderliggende en sturende overtuigingen op te sporen en de ayurvedische perspectieven daarop helder naar de cliënt te vertalen;

4.2. Maakt ayurvedische psychologische inzichten verdergaand helder en inzichtelijk;

4.3. Is in staat de cliënt op een meer ondersteunend – in ayurvedische termen ‘sattvisch’ – leefpatroon en denkpatroon aan te reiken.

 

5. De student doorziet symbolieken, analogieën en verbanden

5.1. Is in staat om analogieën – ook mythologische zoals die in een klassieke wetenschap als Ayurveda veel voorkomen – te herkennen, op hun waarde in te schatten, te vertalen naar modern westerse interpretaties en te gebruiken;

 

6. De student beheerst en gebruikt, naast de bestudeerde basiskennis van Ayurveda , ook de verdergaande therapeutische technieken

6.1. Maakt gebruik van ayurvedische massage en aanverwante behandeltechnieken of weet op dat gebied adequaat door te verwijzen;

6.2. Weet afdoende van yogatherapeutische behandelingen binnen een ayurvedische context om ofwel zelf simpele adviezen op dit gebied te kunnen geven, ofwel adequaat te kunnen doorverwijzen;

6.3. Is in staat eenvoudige zelfreflectie en meditatietechnieken zelf toe te passen en de cliënt op dat gebied adequaat te kunnen instrueren en ondersteunen.

 

7. De student beschikt over relevante (wetenschappelijke) kennis, teneinde verantwoorde praktische toepasbaarheid mogelijk te maken, zoals op het gebied van

7.1. Ayurvedische Basiskennis: ayurvedische gezondheidsleer, anatomie en fysiologie

7.2. Ayurvedische Anamnese en Onderzoek: verschillende vormen, 3-voudig, 8-voudig en 10-voudig

7.3 Ayurvedische Ziekteleer: 6 stadia van ziekteontwikkeling en klinische implicaties

7.4 Ayurvedische Psychologie: relatie lichaam-zintuigen-geest-ziel

7.5 Ayurvedische Behandeling: leefstijl, voeding, remedies en concrete behandelingen

7.6. De student beschikt over relevante (wetenschappelijke) kennis, teneinde verantwoorde praktische toepasbaarheid mogelijk te maken, zoals het toetsen van de toepasbaarheid van de aangeleerde theorie, inzichten, kennis en vaardigheden, middels onderzoek waarvan verslag wordt gedaan in een eindscriptie, met als focus de praktische en klinische benadering – vanuit ayurvedisch en westers perspectief – van een bepaalde afgebakende aandoening.


 

II. Multidisciplinaire integratie

De integratie van kennis, inzichten, houdingen en vaardigheden (van verschillende vakinhoudelijke disciplines) vanuit het perspectief van het beroepsmatig handelen. Ayurveda biedt een holistische benadering van het leven met vele niveaus van dynamiek en interactie. Een belangrijk aspect daarbij wordt gevormd door het uitgangspunt dat lichaam en geest voortdurend met elkaar in interactie zijn en elkaar wederzijds beïnvloeden. Ook modern wetenschappelijk en medisch onderzoek beweegt steeds meer in de richting van acceptatie van een dergelijk uitgangspunt. Daarbij is het bijvoorbeeld ook steeds duidelijker dat met name de hormoonklieren en -systemen in het lichaam een belangrijke rol spelen als brug tussen het emotioneel-mentale enerzijds en het lichamelijke anderzijds. Ayurveda heeft altijd al veel aandacht aan deze interactie besteed en haar expertise op dit gebied kan van veel nut zijn bij het effectief implementeren van dergelijke  bevindingen.

 

8. De student is goed op de hoogte van deze moderne bevindingen op het gebied van interactie tussen body en mind (en soul), vooral waar het het goed uitoefenen van het beroep als Ayurveda therapeut ondersteunt en dient.

8.1 De student is op de hoogte van klassieke en moderne body/mind remedies;

8.2 Realiseert zich dat dit bij de behandeling van hedendaagse steeds meer voorkomende psychosomatische aandoeningen van groot nut kan zijn;

8.3 Heeft gedegen kennis op het gebied van aan Ayurveda direct verwante wetenschappen, met name op het gebied van het therapeutisch inzetten van bijvoorbeeld yoga, mindfulness, zelfreflectie of meditatie, de waarde waarvan ook in de medische wereld steeds meer wordt ingezien en geaccepteerd;

8.4 Accepteert de rol van persoonlijke groei en spiritualiteit als belangrijke en vanzelfsprekende factor, wanneer het over gezondheid en leven in het algemeen gaat - en kan dat in een behandelplan integreren;

8.5 Studenten ontwikkelen ook zichzelf op dit gebied - als therapeut, en realiseren zich dat zij zich voldoende dienen te blijven ontwikkelen.

 

9. De student realiseert zich de rol van ware intuïtie (dieper inzicht) binnen Ayurveda. Ayurveda is zowel een wetenschap als een kunst. Wetenschap is vaak logisch en lineair opgebouwd, kunst heeft zijn wortels in intuïtie en is vaak niet-lineair.

9.1 De student laat deze beide aspecten van Ayurveda - als wetenschap en kunst, beide twee zijden van eenzelfde medaille - op evenwichtige wijze in zijn/haar leerproces tot uiting komen;

9.2 Realiseert zich dat het algehele kader – zeker van de beroepsopleiding van de AAS –  academisch van aard is, op HBO niveau en vak- en beroepsgerelateerd – en denkt, studeert en handelt op dit niveau;

9.3 De student kan een Ayurveda behandeling adequaat uitoefenen, en weet de ontwikkeling van intuïtie en persoonlijke, psychosociale vaardigheden – en training daarin – in dienst te stellen van het uitoefenen van het Ayurveda beroep en haar behandelingen.

 

10. De student is op de hoogte van een multidisciplinaire benadering zowel in het kader van Ayurveda en haar zusterswetenschappen (Yoga, Jyotish, Tantra, Sanskrit, etc.), als in het kader van Ayurveda binnen een modern westerse context (moderne geneeskunde, psychologie, farmacologie etc.)

10.1. Leert de basis van de aangeboden disciplines en weet die basis ofwel zelf te integreren en/of adequaat door te verwijzen wanneer meer expertise vanuit een betreffende discipline gewenst is;

10.2. Onderzoekt en herkent verbanden tussen de verschillende onderdelen en disciplines teneinde ze te integreren vanuit het perspectief van het toekomstig beroepsmatig handelen;

10.3. Leert de verkregen kennis toe te passen en te integreren binnen praktische leersituaties;


 

III. Toepassing van de wetenschap

De toepassing van beschikbare relevante (wetenschappelijke) inzichten, theoriën, concepten en onderzoeksresultaten bij vraagstukken waar afgestudeerden in hun beroepsuitoefening mee geconfronteerd worden.

 

11. De student onderkent Ayurveda als een eigen onafhankelijk kennis- en wetenschapssysteem.

11.1 Realiseert zich dat Ayurveda een wetenschappelijk onderbouwd, traditioneel kennissysteem is met betrekking tot het leven in het algemeen, en gezondheid en ziekte in het bijzonder;

11.2 Is bekend met het feit dat de wijsheid, wetenschap en praktische ervaring van Ayurveda enerzijds duizenden jaren oud zijn en anderzijds vandaag de dag nog steeds volop worden beoefend, in India en steeds meer en meer ook in de westerse wereld;

11.3 Begrijpt ten volle dat Ayurveda ten doel zowel ziekten te genezen heeft als ziekten te voorkomen en daarmee – ook klassiek gezien - in oorsprong een gezondheidsleer is;

11.4 De student kan bovenstaande integreren in wat we heden zouden benoemen als ‘preventieve gezondheidszorg’,  en weet dit zeer ‘moderne’ en actuele gegeven in een holistisch perspectief te plaatsen, waarin zowel lichaam en geest een rol spelen;

11.5 De student weet dat daarbij de juiste nadruk te leggen op een natuurlijke en gezonde balans in ieders leven, waarbij ervan wordt uitgegaan dat ieder individu daarin uniek is.

12. Van studenten aan de AAS wordt een actieve participatie verwacht wat betreft het herkennen alsmede het zelf ‘leven’ van dit gegeven in de klinische praktijk.

12.1. Herkent casussen en cliënten in de aangeleerde klassieke en moderne theorieën;

12.2. Past de klassieke en moderne theorieën en inzichten door praktische opdrachten toe;

12.3. Weet de klassieke theoriën in het kader van moderne theoriën te waarderen en uit te leggen, en vice versa, en weet daarvan – in de klas en op schrift – rekenschap van te geven;

 

13. De student beschikt over relevante (wetenschappelijke) kennis, teneinde verantwoorde praktische toepasbaarheid mogelijk te maken, zoals het toetsen van de toepasbaarheid van de aangeleerde theorie, inzichten, kennis en vaardigheden, middels onderzoek waarvan verslag wordt gedaan in een eindscriptie.

13.1. De student weet waar wetenschappelijk goed onderbouwde informatie vandaan te halen is, en kan dit ook verantwoorden wanneer daarnaar gevraagd wordt – algemeen of specifiek – bijvoorbeeld door het juist vermelden van bronnen in opdrachten of eindscriptie.

13.2. De student weet op internet de juiste bronnen voor wetenschappelijk materiaal te vinden en te raadplegen, waaronder wetenschappelijke ‘libraries’;

13.13 De student weet hoe zowel klassiek ayurvedische literatuur als moderne vakliteratuur te raadplegen, waar nodig te citeren, of waar gewenst op juiste en wetenschappelijke wijze naar te verwijzen.


 

IV. Transfer en brede inzetbaarheid

De toepassing van kennis, inzichten en vaardigheden in verschillende beroepssituaties.

 

14. De student kan de opgedane kennis in verschillende situaties toepassen

14.1. Door gebruik te maken van en te kunnen meepraten over ingebrachte casussen binnen een klassikale setting;

14.2. Weet de kennis en vaardigheden in te zetten en te reproduceren binnen verschillende ‘gezondheidsleer’-situaties, zoals cliëntconsulten, informatieavonden, lezingen en workshops over gezondheid, lessen en onderwijs, schrijven van artikelen en boeken, produceren van studiemateriaal, advies aan gezondheidsinstanties – alles op het gebied van Ayurveda.


 

V. Creativiteit en complexiteit in handelen

Vraagstukken in de beroepspraktijk, waarvan het probleem op voorhand niet duidelijk is omschreven en waarop de standaardprocedures niet van toepassing zijn: Ayurveda werkt altijd vanuit een niet gestandaardiseerde, maar persoonlijke benadering, daar ieder individu uniek is en omstandigheden altijd veranderen.

 

15. De student is in staat om  - binnen de hierboven geschetste benadering – altijd complexe verbanden te leggen, hetgeen de taak van een Ayurveda Practitioner/Therapeut is

15.1 Weet daarbij de therapeutische taken te laten aansluiten bij de taken met betrekking tot anamnese en diagnose;

15.2 Weet behandelingsdoelen te kunnen opstellen (behandelingsdoelen worden opgesteld met de bevindingen van de anamnese en de gestelde diagnose; behandelingsdoelen dienen te worden geformuleerd in termen van verandering en wel zodanig, dat zij te toetsen zijn door zowel de practitioner als de cliënt);

15.3 Weet een behandelingsplan te kunnen opstellen (in het behandelingsplan dienen de behandelingsdoelen, die zijn opgesteld in overleg met de cliënt, verwerkt te zijn; het behandelingsplan bevat een reeks keuzen met betrekking tot behandeldoelen, de

werkmethode, de klachten of problemen van de cliënt en de werksituatie waarbinnen gewerkt gaat worden);

15.4 Weet gebruik te maken van die behandeling, die het beste aansluit bij de klachten of problemen en omstandigheden van de cliënt;

15.5 Weet de cliënt tijdens het behandelingsproces steeds voor behandeling relevante informatie te blijven geven en zal ook proberen inzicht te verruimen of te verschaffen in de principes van ziekte en gezondheid vanuit de ayurvedische leer, toegespitst op de klachten of problemen van de cliënt en diens reacties op de behandeling;

15.6 Weet de cliënt te stimuleren een actieve inbreng te hebben in de behandeling en hem te stimuleren tot het nemen van een zo optimaal mogelijke verantwoordelijkheid voor zijn eigen gezondheid, waarin allerlei (eenvoudige en complexe factoren) in het gehele kader worden meegenomen;

15.7 Weet de cliënt ertoe te bewegen om zelf mee te werken aan de behandeling door de aangeboden ayurvedische middelen aan te wenden en/of door oefeningen te doen, die hem in het kader van de  behandeling kunnen worden voorgeschreven; de cliënt kan vooral meewerken door keuzes te maken in aan hem geadviseerde gezonde leefwijze en voeding;

15.8 Weet afdoende en adequate aandacht te besteden aan non-verbale signalen, die de cliënt uitzendt en de waarde hiervan voor de behandeling (deze signalen kunnen ook indirect zijn zoals: angst, pijn, zich terugtrekken);

15.9 Weet de cliënt gedurende de behandeling te begeleiden: a) door het totale genezingsproces te begeleiden, b) door de cliënt voortdurende – soms ook veranderend – inzicht te verschaffen in de voor de behandeling belangrijke aspecten, zoals de therapie zelf, de gebruiksaanwijzing van aan te wenden (ayurvedische) preparaten, mogelijke reacties en prognose.


 

VI. Probleemgericht werken

Het zelfstandig definiëren en analyseren van complexe probleemsituaties in de beroepspraktijk op basis van relevante kennis en (theoretische) inzichten, het ontwikkelen en toepassen van zinvolle (nieuwe) oplossingsstrategieën en het beoordelen van de effectiviteit hiervan.

 

16. Om tot een ayurvedisch onderbouwde behandeling en therapie te kunnen komen, leert de student vanaf oorzaak tot aan gevolg (de cliënt met zijn/haar zorgvraag/klachten), zeer probleemgericht te analyseren en aldus te werk te gaan (in zowel denken als handelen

16.1 De student – als aankomend behandelaar –  weet zorg te dragen voor verduidelijking van de hulpvraag, namelijk voor datgene waarvoor de cliënt in eerste instantie komt, zijn klachten of problemen;

16.2 Weet waarde te hechten aan de relatie cliënt-behandelaar; hierbij zal de behandelaar (practitioner/therapeut) aandacht dienen te schenken aan communicatieve processen, projectiemechanismen, gelijkwaardigheid, vertrouwensrelatie, respect en openheid en het beroepsgeheim;

16.3 Weet de probleemgerichte technieken te beheersen voor een goede ayurvedische anamnese en diagnose: 3-voudige, 8-voudige en 10-voudige onderzoeksmethoden.

16.3.1 De cliënt ondervragen met betrekking tot zijn huidige klachten of problemen.

16.3.2 Anamnese van de ziektegeschiedenis van de cliënt en de tot dan toe gevolgde therapieën en behandelingen, zowel op fysiek als op psychosociaal gebied.

16.3.3 Observatie van fysieke symptomen en non-verbale signalen.

16.3.4. Biografische anamnese (voorgeschiedenis van de cliënt en diens familie).

16.3.5 Heteroanamnese (informatie over de cliënt verkregen via derden, bijvoorbeeld familieleden, behandelend arts) na toestemming van de cliënt te hebben verkregen.

16.3.6 Aspecten van algemeen en specifiek fysiek diagnostisch onderzoek conform, zoals polsdiagnose en tongdiagnose, die voor de behandeling van belang zijn, te beheersen.

16.4. Bij de behandeling is het niet altijd noodzakelijk fysiek diagnostisch onderzoek te   verrichten om fysieke symptomen vast te stellen; ten behoeve van de indicatiestelling  voor een behandeling dient de behandelaar in staat te zijn fysieke diagnostiek uit te voeren en/of te kunnen interpreteren; de keuze van de juiste behandeling hangt af van zowel de fysieke als de emotionele symptomen;

16.5 Student is op de hoogte van uitzonderingen bij lichamelijk onderzoek in de vorm van handelingen die aan bepaalde beroepsgroepen in de hulpverlening zijn voorbehouden (voorstel wet BIG);

16.6 Weet structureel aandacht te schenken aan externe pathogene factoren, waaraan de cliënt bloot staat;

16.7 Zet analytisch en probleemgericht werken in om inzicht te krijgen op en bepalen van eventuele herstelmogelijkheden van de cliënt;

16.8 Weet behoeften en wensen van de cliënt te bepalen met betrekking tot diens gezondheid en de therapie; weet daarmee ook zicht te krijgen op en bepalen van de te verwachten inzet van de cliënt;

16.9 Registreert gegevens van de cliënt duidelijk in verband met waarneming en doorverwijzing;


 

VII. Methodisch en reflectief denken en handelen

Het stellen van realistische doelen, het plannen c.q. planmatig aanpakken van werkzaamheden en het reflecteren op het (beroepsmatig) handelen op basis van het verzamelen en analyseren van relevante informatie.

 

17. De student kan taken en opdrachten inhoudelijk en qua uitvoering goed plannen en evalueren

17.1 Weet opdrachten binnen een gestelde tijdstermijn juist in te plannen, uit te voeren en af te ronden;

17.2 Communiceert over dergelijke trajecten helder en onderbouwd met mede-studenten, collega’s en docenten;

17.3 Evalueert de eigen rol wanneer bovenstaande groepsprojecten zijn;

17.4 Leert door evaluatie van (oefen) cliënt-behandelaar situaties;

17.5 Leert door evaluatie in het kader van stages waarin zowel project-opdrachten als cliënt-behandelaar situaties een belangrijke rol spelen.

 

18. De student voert verschillende project-opdrachten uit, waaronder een eindscriptie

18.1 Weet dergelijke trajecten zorgvuldig te plannen, zowel inhoudelijk als qua tijdsplanning;

18.2 Weet een scriptie goed op te bouwen, ook als traject (wetenschappelijk onderzoek, casussen, overleg, proefversie, etc.)

18.3 Evalueert eigen rol – in contact met docent(en) en medestudenten – qua methodische aanpak.


 

VIII. Sociaalcommunicatieve bekwaamheid

Het communiceren en samenwerken met anderen in een multiculturele, internationale en/of multidisciplinaire omgeving en het voldoen aan de eisen die het participeren in een arbeidsorganisatie stelt.

 

19. De student is zowel op technisch als op psychosociaal gebied afdoende getraind en opgeleid.

19.1 Weet het doel van Ayurveda – om gezonde mensen helpen gezond te blijven en zieke mensen helpen gezond(er) te worden – goed te communiceren.

19.2 Weet dat – om dit doel te bereiken – Ayurveda een wetenschap onderwijst die enerzijds op zelf-kennis en -inzicht gericht is, anderzijds technisch-therapeutisch zeer complex en specifiek is; en weet dit afdoende te communiceren;

19.3 Weet dat Ayurveda een ‘wetenschap van het leven’ is die bestaat uit een filosofie en praktijk van genezen op zowel medisch als metafysisch niveau; en weet dit afdoende te commuiceren;

19.4 Deelt actief en op eenvoudig te begrijpen wijze met cliënt en omgeving dat het praktiseren en ‘leven’ van Ayurveda erop is gericht menselijk geluk en gezondheid, alsmede creatieve groei te stimuleren.

 

20. De student kan in groepsverband werken

20.1 Denkt en werkt met cliënt of anderen (studiegenoten) mee aan het bereiken van doelstellingen als daar aanleiding voor is;

20.2 Informeert studiegenoten over eigen acties en houdt zich op de hoogte van acties van anderen;

20.3 Bespreekt de implicaties van acties, staat open voor kritiek van andere studiegenoten.

 

21. De student beschikt over sociale en communicatieve vaardigheden.

21.1 De student luistert en houdt rekening met de zorgen, waarden en overtuigingen van de cliënt over wat wel en niet mogelijk is;


21.2  De student vat samen, herhaalt, geeft feedback en maakt effectief gebruik van oogcontact, ondersteunende gebaren, volume, spreektempo en afstand en nabijheid; 


21.3  De student kan overdracht, tegenoverdracht en ruis in communicatie verminderen; 


21.4  De student creëert een veilige ruimte waarin de cliënt zich kan uiten en goed gehoord kan voelen; 


21.5 De student hanteert een open houding, veroordeelt niet, accepteert, verkent, 
bevestigt en toont onvoorwaardelijke positieve waardering naar de cliënt. 


 

22. De student is communicatief sterk

22.1 Brengt de bedoeling van de boodschap goed over;

22.2 Kiest zorgvuldig de juiste woorden;

22.3 Stelt schriftelijke documenten goed gestructureerd en zonder fouten op en maakt

efficiënt gebruik van aanwijzingen en suggesties van anderen.


 

IX. Basiskwalificering voor managementfuncties

Het uitvoeren van eenvoudige leidinggevende, organisatorische en managementtaken, m.b.t. de eigen onderneming.

 

23. De student is in staat de rol van leider op zich te nemen

23.1 Neemt verantwoordelijkheid voor de uit te voeren taak;

23.2 Neemt de leiding in de uit te voeren taak;

23.3 Zoekt naar oplossingen bij het uitvoeren van de taak.

 

24. De student voert project-opdrachten uit en schrijft een eindscriptie

24.1 Neemt de verantwoordelijkheid voor het zelfstandig vormgeven van de scriptie;

24.2 Zoekt waar nodig is hulp en vraagt deze.


X. Besef van maatschappelijke verantwoordelijkheid

Begrip en betrokkenheid met betrekking tot ethische, normatieve en maatschappelijke vragen samenhangend met de toepassing van kennis en de (toekomstige) beroepspraktijk zijn ontwikkeld.

 

25. De student handelt volgens de beroepsethiek die gangbaar is binnen het werkveld.

25.1 De student is zich bewust van tegenstrijdige belangen die kunnen ontstaan tussen cliënt, steunfiguren, collega’s, de maatschappij en de student zelf; 


25.2 De student kan tegenstrijdige belangen bespreekbaar maken; 


25.3  De student is op de hoogte van de gangbare Ayurveda beroepsverenigingen, waarvan de ANVAG op dit moment de enige uitsluitend Ayurveda beroepsvereniging is, terwijl er andere beroepsverenigingen zijn, waar Ayurveda vertegenwoordigd is, en de student is op de hoogte van de daarin gedefinieerde beroepsethiek;

25.4 De student is op de hoogte van indicaties en verwijst indien nodig door naar een specialist, reguliere arts of ayurvedische arts; 


25.5 De student is bekend met de website www.ceg.nl (Centrum voor Ethiek en 
Gezondheid dat werd opgericht op initiatief van voormalig minister Borst van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) en blijft op de hoogte van relevante informatie over ethiek en moreel debat. 


 

26. De student handelt volgens de beroepsethiek van de Ayurveda therapeut

26.1 Is zich bewust van en handelt naar de ethische aspecten met betrekking tot de beroepsuitoefening;

26.2 Is zich bewust van en handelt naar de ethische aspecten met betrekking tot de houding tegenover de patiënt/cliënt;

26.3 Is zich bewust van en handelt naar de ethische aspecten in relatie tot collegae en andere hulpverleners.

 

27. De student is zich ervan bewust dat hij opereert in de sfeer van zorgverlening; een Ayurveda practitioner  geeft aan de individuele cliënt persoonlijke, integrale, continue en directe zorg

27.1 Weet dat de hulpverlening door de Ayurveda practitioner persoonlijk is vanwege de directe relatie tussen de cliënt en de practitioner  en vanwege de afstemming van de hulpverlening op de individualiteit van de cliënt;

27.2 Weet dat de hulpverlening integraal is in die zin, dat mentale, emotionele, fysieke en sociale aspecten van de cliënt worden geïntegreerd; de cliënt wordt als totaal individu benaderd en behandeld;

27.3 Weet dat de hulpverlening continu is; dit betekent dat de hulpverlening niet geschiedt per geïsoleerde hulpvraag; de hulpverlening strekt zich uit over de totale behandelperiode, namelijk vanaf de eerste hulpvraag tot het moment dat de cliënt geheel of zoveel mogelijk vrij is van klachten; daarnaast is er aandacht voor de levensloop, vroegere en huidige gebeurtenissen en dient de practitioner voor nazorg of vragen bereikbaar te zijn;

27.4 Weet dat de hulpverlening direct is: dit betekent dat er direct overleg mogelijk is; na dit overleg kan behandeling plaatsvinden of een afspraak worden gemaakt;

27.5 Weet dat de cliënt permanent een beroep op hulp moet kunnen doen, in die zin dat de practitioner dient te zorgen voor een optimale bereikbaarheid en een adequate waarnemingsregeling;

27.6 Weet dat de hulpverlening meestal ambulant is, in die zin dat de cliënt en de practitioner  mobiel zijn ten opzichte van elkaar; in het algemeen bezoekt de cliënt de practitioner.

27.7 Weet dat – ethisch gezien – de practitioner bij de behandeling niet verder mag gaan dan het verlenen van deze behandeltechnieken die noodzakelijk zijn voor de behandeling.

 

 

Contact & Details

 

Delight Academy | Ayurveda

c/o Sophie Brokmann 

This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.

+31(0)6-24280658

 

Office hours 

Call us during office hours or leave a message and we call you back soon.

 

Address & main teaching location

Delight Academy | Ayurveda

Prinseneiland 20G

1013 LR Amsterdam

The Netherlands

 

 

We love Ayurveda...

The benefits of it, the wisdom it provides

and the deep spiritual aspect of it.

Who cannot love Ayurveda...

 

 

AYURVEDA - LIFESTYLE and FOOD as MEDICINE

  

CRKBO registration
CRKBO registration

 

SiteLock